woensdag 23 april 2008

paaseieren


Studenten Ipsoc maken van paaseierenraap onvergetelijk evenement op de Lange Munte

Paashaas, mag ik overvaren?

De allerkleinsten die zaterdag 21 maart in de voormiddag in en rond het buurtcentrum Lange Munte vertoefden, zullen zich het evenement rond de paaseierenraap nog lang herinneren. Hun ouders trouwens ook. En niet in het minst de paashaas zelf, die zijn eieren kwijt was en op de kinderen van de Lange Munte een beroep deed om die lekkernijen terug te vinden. “Zoniet zal de opa van mijn opa kwaad zijn op mij. Het zijn dus heel belangrijke eitjes,” opperde paashaas Daan.

Die zaterdag waren Marleen en Jacques vanaf 9 uur in de buurtliving al druk in de weer om lekkere hapjes klaar te maken. De uit Finland afkomstige stagiaire Katriina stak hen een handje toe. Het grasperk voor het buurtcentrum Lange Munte was met een blauw lint afgebakend. Want enkel de kinderen mochten het betreden.



Chinees voetbal

Céline Bisschop van Ipsoc had er zin in. “Is iedereen geschminkt? Kom dan maar mee naar buiten. Op het pleintje zullen wij een spelletje spelen. Wie kent er Chinees voetbal? Niemand? Zeker niet moeilijk...” Voetballen met in elkaar gestrengelde vuisten is inderdaad leuk om spelen. Sonia Pauwels en haar vriend Luc Arckens kwamen omstreeks 11 uur even om het hoekje turen. Hun doberman Zorka was mee. Het gitzwarte huisdier reageerde dolenthousiast. “Maar chocolade mag Zorka niet eten. Zeker niet goed voor zijn gezondheid. Wij mogen dit natuurlijk wel,” grapte Arckens in de richting van Sonia. Hun boodschap was duidelijk: buurtwerker Tim kent zijn vak, en de Ipsocstudenten kunnen eveneens puike activiteiten organiseren.

Om 11.25 uur waren de kinderen nog altijd enthousiast Chinese voetbal aan het spelen. “Wij zullen eens van spelletje veranderen,” stuurde Celine het evenement in een andere richting. “Paashaas, mag ik overvaren? Ken je dat?” De geschminkte kinderen en de paashazen begonnen te zingen. Tegelijk liepen zij van de ene zijde van het pleintje naar de andere. En leuk was het! Toen de weermaker heel even de ‘spelbreker’ uithing, haastte iedereen zich naar binnen. En daar kwam paashaas Daan te voorschijn. “Hallo! Ik heb gehoord dat jullie hier allemaal zijn. Maar ik hoorde jullie niet roepen. Roep eens wat luider!” Iedereen reageerde spontaan: “Paashaas! Paashaas! Paaaaaaashaaaassss!”

Tot in de bomen...

“Roep nog eens wat luider!” maande paashaas Daan de kinderen aan. Vanuit de jeugdige keeltjes stegen de decibels pijlsnel. “Paaaaaaaaaaaaaaaaashaaaaaaaaaaaaaaaaas!”
“Ik heb een heel groot probleem,” sprak paashaas Daan. “Deze morgen passeerde ik voor het buurtcentrum en ik had een mandje met eitjes mee. Door de wind waaide mijn mandje met eitjes weg. Ik ben ze dus kwijt. Maar ja, het zijn speciale eitjes. Het zijn eitjes van mijn opa. En mijn opa kreeg die eitjes van zijn opa. Als ik zonder die eitjes thuiskom, zal mijn opa boos zijn op mij. Kunnen jullie mij helpen?”

Paashaas Daan moest het geen twee keer vragen. “Pim, pam, pons, de eitjes zijn van ons!” riepen de allerkleinsten. En plots lag het grasperk voor het buurtcentrum vol met eitjes: gele, rode, groene, witte, noem maar op. De eitjes hingen zelfs tot in de bomen. De kinderen raapten ze allemaal op en gaven ze aan de tevreden paashaas Daan. Zijn beloning smaakte ... lekker. Buurtwerker Tim zag dat het goed was. En ook Roos Blanckaert was tevreden. Vooral dat laatste was heel belangrijk. Want...

Geen opmerkingen: